Terug
Gepubliceerd op 05/01/2026

Notulen  15 GRC Algemeen

di 09/12/2025 - 20:00 Zaal Alfred Van Roy
  • Notulenverslag vorige vergadering

    • Akteneming goedgekeurde verslag vorige zitting van GRC Algemeen

      De notulen van de vorige zitting van de gemeenteraadscommissie Algemeen werden opgesteld door de secretaris van deze gemeenteraadscommissie. Deze notulen werden gedeeld via Kaloma en er werden binnen de gestelde termijn geen opmerkingen ontvangen.

      Juridische grond

      - decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen

      - verslag van de zitting van 

      Motivatie

      De notulen van de vorige zitting van de gemeenteraadscommissie Algemeen zijn zowel in het motiverend als in het beschikkend gedeelte de volledige weergave van de zitting.

      Bespreking

      De gemeenteraadscommissie Algemeen neemt akte van het goedgekeurde verslag van de vorige zitting.

    • Aanpassing van de lokale rechtspositieregeling voor het gemeente-en OCMW-personeel

      In het kader van de opmaak van het komend meerjarenplan 2026–2031 en de bijhorende budgettaire evaluatie, wordt een aanpassing van de rechtspositieregeling voorgesteld.  

      1. Verhoging van de maaltijdcheques naar € 8 vanaf 01.01.2026

      De huidige waarde van de maaltijdcheques bedraagt € 7,5. Er wordt voorgesteld deze te verhogen naar € 8 vanaf 1 januari 2026 in kader van de versterking van de koopkracht van het personeel.

      2. Verhoging van de tweede pensioenpijler voor contractuele medewerkers naar 3% vanaf 01.01.2025

      Momenteel bedraagt de bijdrage voor de tweede pensioenpijler 2,5%. De verhoging naar 3% sluit aan bij de intentie om de aanvullende pensioenopbouw voor contractuele medewerkers te versterken. Deze maatregel is afgestemd op de gewijzigde regelgeving rond responsabiliseringsbijdragen en het bonus-malus systeem.

      3. Dienstvrijstelling: schrappen van kermisdag en intergemeentelijke sportdag

      Volgens de huidige regeling genieten medewerkers dienstvrijstelling bij deelname aan de kermisdag en de intergemeentelijke sportdag. In het kader van een rationelere inzet van werktijd en middelen wordt voorgesteld om deze vrijstellingen te schrappen. De maatregel past binnen een bredere herziening van sociale voordelen en personeelsinzet, zoals besproken in het kader van de eindcontrole van de meerjarenplanning

      Juridische grond

      - decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en de latere wijzigingen

      - beslissing van de gemeenteraad van 26 november 2024 houdende goedkeuring aanpassing lokale rechtspositieregeling voor het gemeentepersoneel

      - schrijven van de federale Pensioendienst van 3 oktober 2025 houdende wijziging aan het systeem van de kortingen op de responsabiliseringsbijdrage voor de kosten van de tweede pensioenpijler contractuele personeelsleden van de provinciale en plaatselijke besturen

      - beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 17 november houdende goedkeuring van de aanpassingen aan de lokale rechtpositieregeling voor het gemeentepersoneel

      Motivatie

      1) Verhoging maaltijdcheques van 7,5 euro naar 8 euro (artikel 210 paragraaf 1 en 2)

      Deze maatregel draagt bij aan de koopkrachtversterking van het personeel. De verhoging is bovendien in de lijn met het Koninklijk Besluit, goedgekeurd door de federale regering op 10 oktober 2025, dat de maximale nominale waarde van maaltijdcheques verhoogt. De werknemersbijdrage blijft 1,09 euro en de werkgeversbijdrage verhoogt van 6,41 euro naar 6,91 euro per maaltijdcheque. Deze aanpassing gaat in vanaf 1 januari 2026.

      2) Verhoging tweede pensioenpijler voor contractuele medewerkers naar 3% (Artikel 211)

      De federale overheid heeft het systeem van de kortingen op de responsabiliseringsbijdrage voor de kosten van de tweede pensioenpijler van contractuele personeelsleden opnieuw aangepast. Door het grote aantal nieuwe toetredingen tot de tweede pensioenpijler sinds 2022 ontstonden structurele tekorten in het Gesolidariseerd Pensioenfonds (GPF). De bestaande bonus-malusregeling kon deze tekorten niet langer volledig compenseren.

      Aanvankelijk besliste de vorige federale regering om vanaf 2025 niet langer in te staan voor de financiering van deze tekorten, waardoor de kortingen sterk zouden worden beperkt. De nieuwe federale regering komt hierop terug en voorziet een vaste korting van 30% op de kostprijs van de tweede pensioenpijler voor de jaren 2024 tot en met 2028 (berekening in 2025 tot en met 2029). 

      Deze maatregel biedt financiële ademruimte aan provinciale en lokale besturen en ondersteunt een duurzame pensioenopbouw voor contractuele medewerkers.

      In Londerzeel betalen we op heden nog geen responsabiliseringsbijdrage waardoor de tweede pensioenpijler niet werd verhoogd tot 3%. Volgens de berekeningen van de pensioendienst (augustus 2025) zal de gemeente een responsabiliseringsbijdrage betalen vanaf 2025 en het OCMW vanaf 2026. Het is aangewezen om de verhoging toe te passen vanaf 1 januari 2025 om een optimale korting te genieten en geen deficit te betalen. 

      3) Dienstvrijstellingen (Artikel 322)

      - kermisdag of een pedagogische studiedag

      Tot en met 2023 genoten medewerkers van een dienstvrijstelling tijdens de jaarmarkt in Londerzeel Centrum, aangezien deze traditioneel plaatsvond op de vierde maandag van september, een reguliere werkdag. Sinds 2024 heeft het jaarmarktcomité de jaarmarkt echter verplaatst naar een zondag. Hierdoor vervalt de noodzaak om een dienstvrijstelling te voorzien op een werkdag.

      Concreet betekent dit 

      • Poetspersoneel: geen dienstvrijstelling meer voor de kermisdag of een pedagogische studiedag als alternatief
      • Medewerkers gemeente/OCMW: geen dienstvrijstelling meer voor de kermisdag
      • Medewerkers WZC: geen extra dag vakantie in het kader van de kermisdag

      - gemeentelijke sportdag

      De subsidie voor de intergemeentelijke sportdag wordt stopgezet, aangezien het concept aan vernieuwing toe is. Uit interne overlegmomenten blijkt dat het oorspronkelijke doel van de sportdag, namelijk het bevorderen van verbondenheid tussen medewerkers, niet langer optimaal wordt gerealiseerd. Medewerkers geven immers de voorkeur aan activiteiten binnen hun eigen team, waardoor het verbindende karakter van de sportdag afneemt.

      Om hierop in te spelen, wordt voorgesteld om het bedrag voor teambuildingactiviteiten op te trekken van € 35 naar € 50 per persoon. Dit biedt teams meer ruimte om zelf invulling te geven aan activiteiten die de onderlinge samenwerking en verbondenheid versterken. Daarnaast wordt het jaarlijkse personeelsfeest behouden als een organisatiebreed samenzijn, zodat er toch een moment van collectieve verbinding blijft bestaan.

      Financieel aspect

      * Verhoging maaltijdcheques van € 7,5 naar € 8 (vanaf 01.01.2026):
      Jaarlijkse meerkost van ongeveer € 26.900 voor alle medewerkers. Deze verhoging is reeds meegenomen in de meerjarenplanning 2026-2031.

      Verhoging tweede pensioenpijler voor contractuele medewerkers van 2,5% naar 3% (vanaf 01.01.2025):
      De aangepaste cijfers zijn verwerkt in de MJP 2026-2031. Voor het jaar 2025 zullen de uitgaven lager liggen dan de raming in het MJP.

      Voor 2025: rechtzetting gemeente: +/- 16.787 euro en rechtzetting OCMW: +/- 16.700 euro 

      Volgens de berekening van de pensioendienst betaalt de gemeente in 2025 een responsabiliseringsbijdrage van 49.000 euro. Als we de tweede pensioenpijler niet optrekken naar 3% betalen we het deficit van 67.000 euro. Als de we de tweede pensioenpijler optrekken naar 3% dan betalen we 49.000 euro min 32.213 euro = 16.787 euro

       

      * Schrappen sportdag:
      Hierdoor komt er een budget van circa € 2.500 vrij.

      * Schrappen kermisdag:
      Geen directe financiële impact, maar wel een extra dag openstelling van de diensten.

      Verhoging budget teambuilding:
      Jaarlijkse meerkost van ongeveer € 4.650 voor alle medewerkers. Deze budgetten zijn verwerkt in de MJP 2026-2031.

      Bespreking

      Els Van Praet, beleidscoördinator HRM, geeft een uitgebreide toelichting over de voorgestelde aanpassingen in de lokale rechtspositieregeling. 

      Raadslid Sanne Eeckelers vraagt wat momenteel de verhouding tussen contractuele en statutaire medewerkers is.

      Els Van Praet: Die verhouding is ongeveer 50/50. Alle verpleegkundigen zijn bv. statutair aangesteld, terwijl voor andere functies steeds vaker gekozen wordt voor contractuele aanwervingen. Het verder aanstellen van statutair personeel brengt een aanzienlijke verhoging van de pensioenbijdrage met zich mee. Dit vormt een belangrijke reden om het aantal statutaire aanstellingen geleidelijk af te bouwen. Er wordt bewust gekozen om nieuwe functies voornamelijk contractueel in te vullen.

      Sanne Eeckelers bevestigt dat dit aansluit bij de tendens op Vlaams niveau, waar de voorkeur eveneens uitgaat naar contractuele aanwervingen.

       

    • Meerjarenplan 2026-2031 - gemeente en OCMW

      Artikel 254 van het decreet over het lokaal bestuur (DLB) bepaalt dat het meerjarenplan moet worden vastgesteld vóór het einde van het jaar dat volgt op de gemeenteraadsverkiezingen (eerste jaar van de eerste bestuursperiode). Dat meerjarenplan start in het tweede jaar dat volgt op de gemeenteraadsverkiezingen en loopt af op het einde van het jaar na de daaropvolgende gemeenteraadsverkiezingen (eerste jaar van de volgende bestuursperiode).

      Het meerjarenplan bevat de beleidskeuzes van het nieuwe bestuur en de financiële vertaling ervan voor de volledige periode van het meerjarenplan en bestaat uit een strategische nota, een financiële nota en een toelichting. 

      Het meerjarenplan moet beantwoorden aan bepaalde evenwichtsnormen (zie artikel 16 van het BVR BBC van 30 maart 2018):

      • het geraamde beschikbaar budgettair resultaat moet per boekjaar groter of gelijk zijn aan nul (het 'toestandsevenwicht)
      • de geraamde autofinancieringsmarge moet in het laatste boekjaar van de periode van het meerjarenplan groter of gelijk zijn aan nul (het 'structureel evenwicht')

      Het geconsolideerde rapport gemeente - OCMW voldoet aan deze voorwaarden.

      Er dient wel rekening te worden gehouden met het feit dat gemeenten en OCMW's een geïntegreerd aangepast meerjarenplan hebben, maar met hun eigen bevoegdheden voor de vaststelling ervan.

      Zowel de gemeenteraad als de OCMW-raad moet eerst zijn eigen deel van het aangepaste meerjarenplan vaststellen. Daarna kan de gemeenteraad het deel van het aangepaste meerjarenplan dat de OCMW-raad heeft vastgesteld, goedkeuren, waardoor de aanpassing definitief is vastgesteld. De goedkeuring van de gemeenteraad is nodig omdat de gemeente de financiële gevolgen moet dragen van de keuzes die de OCMW-raad maakt. Die besluitvorming dient als volgt te verlopen:

      • de OCMW-raad stelt eerst zijn deel van het meerjarenplan vast
      • de gemeenteraad stelt vervolgens zijn deel van het meerjarenplan vast
      • de gemeenteraad keurt ten slotte het deel goed dat de OCMW-raad heeft vastgesteld
      Juridische grond

      - decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, artikel 249-275

      - provinciedecreet van 9 december 2005, artikel 141-164

      - besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen

      - ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen

      - omzendbrief KBBJ/ABB 2025/1 betreffende de strategische meerjarenplannen 2026-2031 van de lokale en provinciale besturen volgens de beleids- en beheerscyclus

      Motivatie

      Artikel 254 van het decreet over het lokaal bestuur (DLB) bepaalt dat het meerjarenplan moet worden vastgesteld vóór het einde van het jaar dat volgt op de gemeenteraadsverkiezingen.

      De vaststelling van het meerjarenplan behoort tot de voorbehouden bevoegdheden van de gemeenteraad/OCMW-raad.

      Bespreking

      Burgemeester Nadia Sminate leidt het agendapunt in. 

      Voor nieuwe collega’s: dit is een sleutelmoment in deze legislatuur. De budgetten voor de komende zes jaar zijn vastgelegd, in nauwe samenwerking met het managementteam. De discussies waren intens, maar altijd constructief en in een goede verstandhouding. Dankjewel aan het volledige managementteam. Een bijzondere dank gaat uit naar onze financieel directeur en haar team voor hun inzet.

      We staan voor een enorme investeringsronde van meer dan 43 miljoen euro. Eén project springt er duidelijk uit: het Argo-project. Daarbij wordt een nieuwe centrumschool gebouwd, omdat de huidige gebouwen door de inspectie zijn afgekeurd. We grijpen deze kans om extra functies te integreren, zoals een polyvalente zaal, gezien de onzekerheid over het Gildenhuis in de komende jaren. Ook de refter zal als polyvalente ruimte dienen, met een uitschuifbare wand, en er komt een bibliotheek. Deze keuze is bewust gemaakt, omdat de vorige piste niet onze voorkeur had. We zijn daar altijd transparant over geweest. De huidige kazerne is bovendien verouderd en ligt op een gevaarlijke locatie voor overstekende kinderen. Door deze functies te combineren met de school creëren we een duidelijke meerwaarde.

      Vanaf het begin was duidelijk dat we drastische beslissingen moesten nemen over ons patrimonium. We beschikken over te veel gebouwen die slecht onderhouden zijn en nauwelijks gebruikt worden. Door deze af te stoten, ontstaat ruimte om te investeren in infrastructuur die wél nuttig is.

      Ook het openbaar domein krijgt aandacht: vier dorpskernen worden opgefrist en verfraaid, waarvoor 200.000 euro per dorpsplein is voorzien. Voor grote projecten zullen we telkens de input van inwoners vragen. Daarnaast pakken we het industrieterrein aan, met een investering van 600.000 euro voor nieuwe riolering en bovenbouw.

      We investeren ook in verbondenheid. Handelaars zijn belangrijk voor ons, en de handelskern moet levendig blijven. Zij krijgen meer inspraak. Verenigingen blijven een pijler van onze gemeenschap. We willen mensen naar buiten brengen en werken aan weefselplannen om ontmoetingen in onze dorpen te stimuleren. Nederlands leren is daarbij essentieel, en daarom starten we een zomerschool.

      Met het oog op de toekomst stellen we de vraag: hoe moet Londerzeel er de komende jaren uitzien? Welke functies horen in welke gebieden? Het behoud van onze natuur is cruciaal. Het huidige structuurplan is verouderd, dus werken we aan een nieuw beleidsplan ruimte. Daarvoor trekken we vier jaar uit, maar we blijven niet stilzitten: we nemen meteen actie om onze toekomst en natuur veilig te stellen. Zo investeren we 500.000 euro in bosontwikkeling, maken we onze groene long aantrekkelijker en zetten we in op ontharding.

      Dit alles moet natuurlijk gefinancierd worden. We kunnen niet wachten onderaan de wachtlijst voor de school, dus prefinancieren we en nemen we een lening. Toch blijft er schuldafbouw: we lossen meer af dan we lenen. De personenbelasting en de opcentiemen op de onroerende voorheffing stijgen niet. Dat is een sterke prestatie in tijden waarin dotaties voor brandweer (+36%) en politie fors stijgen, terwijl inkomsten uit personenbelasting, dividenden en subsidies dalen. Ondanks deze uitdagingen kunnen we positieve cijfers voorleggen. Dat is goed werk.

      Hierna legt Christel Van Hoeymissen, financieel directeur, het meerjarenplan uit aan de hand van een Powerpoint.


      Vragen:

      Bouw Argosite: cijfers en onderbouwing

      De cijfers voor de bouw van de Argosite zijn tot stand gekomen in overleg met Belfius, waarbij men zich heeft gebaseerd op het consultatiemodel dat eerder werd gebruikt voor het KAZ-project. Dit model werd hergebruikt om een nieuwe opdracht uit te schrijven, waarvoor uiteindelijk enkel Belfius interesse toonde. De bedragen zijn uitgesplitst per jaar: in 2027 wordt 550.000 euro voorzien voor het voorontwerp, de aanvraag van de omgevingsvergunning en de bijhorende erelonen. In 2028 is er 1,2 miljoen euro begroot voor het aanbestedingsdossier, de publicatie en de start van de werf. De werfkosten bedragen 8,3 miljoen euro in 2029 en 7,8 miljoen euro in 2030. De oplevering wordt verwacht in november 2030.
      De oppervlaktes zijn berekend op basis van het aantal leerlingen en de geldende normen: de school krijgt een bruto bouwoppervlakte van 4.260 m² (netto 2.943 m²), de polyvalente zaal 318 m² netto, de refter 217 m² netto en de bib 1.000 m² bruto. Enkel het schoolgedeelte komt in aanmerking voor subsidies; voor de bib en polyvalente zaal zijn er geen investeringssubsidies van hogere overheden. Er wordt ook rekening gehouden met een mogelijke kinderopvang in de toekomst, maar daar is momenteel geen budget voor voorzien. De gemeente kiest ervoor om niet te wachten op subsidies, maar het project te prefinancieren via leningen die gespreid zijn over de legislatuur.
      Wat betreft mobiliteit en parkeren: er zijn zorgen over het aantal parkeerplaatsen, zeker bij evenementen in de polyvalente zaal. Momenteel zijn er 30 plaatsen voorzien voor de school, maar er moeten extra plaatsen komen voor de zaal. De ligging is centraal, dicht bij het station en openbaar vervoer, wat voordelen biedt voor de bereikbaarheid. De verkeersafwikkeling en mobiliteitsoplossingen zullen verder worden uitgewerkt in de toekomst.

      Aanpassing kerkenbeleidsplan

      De gemeente staat voor de uitdaging dat drie kerken niet meer voldoen aan de nutsvoorzieningen en dat er aanzienlijke investeringen nodig zijn, die oplopen tot in de honderdduizenden euro’s. Er wordt gezocht naar een structurele oplossing, waarbij men nadenkt over nevenbestemmingen of het herbestemmen van één of meerdere kerken. De filosofie is dat investeringen enkel verantwoord zijn als de hele gemeenschap er voordeel uit haalt. In het verleden waren er moeilijke gesprekken met de kerkfabrieken over het multifunctioneel gebruik van de gebouwen, bijvoorbeeld voor optredens of tentoonstellingen. Het plan is nog niet uitgewerkt; de gemeente wil de betrokkenen zeker betrekken bij de verdere uitwerking. De basis is gelegd, maar er moeten nog belangrijke keuzes gemaakt worden.

      Radicalisering: aanpak en acties

      De aanpak van radicalisering gebeurt op het niveau van de politiezone KLM, omdat de Vlaamse overheid vraagt om een lokale analyse en een stappenplan op te stellen. In januari 2026 wordt gestart met Kapelle-op-den-Bos en Meise, maar het tempo kan verschillen per gemeente. Externe partners met ervaring op dit vlak worden betrokken. De focus ligt op preventie, onder meer door leerkrachten te sensibiliseren en te leren hoe ze signalen van radicalisering kunnen herkennen. Het voorziene budget bedraagt 170.000 euro per jaar, wat als een belangrijk signaal wordt gezien. Er wordt benadrukt dat het probleem niet beperkt is tot grote steden, maar dat preventie overal noodzakelijk is.

      Fietsbieb en MAC

      Na de afbraak van de woning in de Kerkhofstraat wordt gezocht naar een nieuwe locatie voor de fietsbieb. Er zijn al alternatieven onderzocht, zoals een reizende fietsbieb of samenwerking met partners, maar vaak bleken de beschikbare ruimtes te klein. De subsidie voor de fietsbieb blijft behouden. Wat betreft het MAC-gebouw: hoewel het gebouw in goede staat is, is de verkoop ingeschreven in het meerjarenplan. Er wordt echter eerst gekeken naar de noden van de academie en mogelijke sociale functies, zoals assistentiewoningen. De patrimoniumstudie, die als basis dient voor deze beslissingen, is nog niet afgerond. De huidige beslissingen zijn gebaseerd op ruwe schattingen en oudere schattingsverslagen. De gemeente erkent dat dit niet ideaal is, maar vond het niet verantwoord om te wachten met het indienen van het meerjarenplan.

      Contouren RUP

      Het Contouren RUP is bedoeld om de kern van de gemeente duidelijk af te bakenen en zo richtlijnen te geven voor toekomstige ontwikkelingen. Dit is nodig omdat er momenteel veel willekeur is, bijvoorbeeld bij het omvormen van woningen tot appartementen. Door de kern af te bakenen, kunnen er duidelijke regels worden opgesteld, bijvoorbeeld over het aantal woonlagen, de inrichting van badkamers onder het dak, en het gebruik van garages. Ook de handelskern en mogelijke herbestemming van sites zoals de Colruytsite worden meegenomen. Bestaande plannen, zoals het dorpsherinrichtingsplan, worden niet vergeten en zullen als basis dienen.

      Bedrijvenpark Londerzeel-Noord

      De herinrichting van het openbaar domein in het bedrijvenpark is opgenomen in de meerjarenplanning, met een eerste fase die zich richt op het verbeteren van de mobiliteit bij rioleringswerken. Er is een mastervisie opgesteld, die volgend jaar op de GRC zal worden besproken. Het budget bedraagt 600.000 euro, wat hoger is dan eerder vermeld. De rioleringswerken zijn complex vanwege de hoge grondwaterstand, waardoor het terrein bij werken maandenlang open kan liggen. De gemeente onderzoekt alternatieven om de mobiliteit tijdens deze werken te waarborgen.

      Fietspaden Bergkapelstraat

      De heraanleg van de fietspaden in de Bergkapelstraat maakt deel uit van een groter Aquafinproject, samen met de Bergstraat. Het gemeentelijk aandeel bedraagt 100.000 euro, terwijl Aquafin 4,5 miljoen investeert. Het project is grootschalig en zal pas na 2026 van start gaan. De herstellingen die nu nog moeten gebeuren, zijn ten laste van MS Infra.

      Wegeniswerken Plas/Steenhuffelstraat

      Het budget van 100.000 euro voor 2026 en 2027 is bedoeld voor de initiële fase van de werken, zoals het opmaken van rooilijnplannen en studiewerken. De rooilijn zal worden uitgebreid, wat een eerste stap is in het proces.

      RUP Open Ruimte en SK Steenhuffel

      Het RUP Open Ruimte zal worden geïntegreerd in het nog op te stellen Beleidsplan Ruimte Vlaanderen. De finalisering van dit beleidsplan is voorzien tegen het einde van de legislatuur. Voor de herlocalisatie van SK Steenhuffel wordt een aparte RUP recreatie opgemaakt. Er zijn gesprekken met de club om een tussenoplossing te vinden tot het beleidsplan klaar is.

      Studie kernverdichting

      De toekomstvisie rond kernverdichting, die werd uitgeschreven door Studiebureau Buur/Sweco, zal zeker worden meegenomen in het toekomstige beleidsplan. De dienst zal alle bestaande studies en plannen in overweging nemen.

      Vermindering kredieten kinderopvang

      De subsidies voor kinderopvang dalen omdat de gemeente de historische subsidie aan een externe partner stopzet, nu de crèches zijn uitbesteed. Dit wordt als eerlijker beschouwd ten opzichte van andere partners. Het resterende bedrag is bedoeld om nieuwe initiatieven te ondersteunen. Er wordt rekening gehouden met een mogelijke aanpassing, afhankelijk van een nieuwe Vlaamse subsidie voor startende partners.

      Ondersteuning verenigingen

      De gemeente wil verenigingen ondersteunen bij het brandveilig en duurzaam inrichten van hun lokalen. Dit zal gebeuren via een subsidiereglement of een lening, maar de details moeten nog worden uitgewerkt. De ondersteuning is enkel bedoeld voor verenigingen die eigenaar zijn van hun lokalen, om te vermijden dat er geïnvesteerd wordt in privé-eigendom.

      Grond Limmersweg

      De gemeente heeft aan Haviland gevraagd om het perceel tussen de Limmersweg en Londerzeel United, het oude plein van FC Malderen, kosteloos over te dragen. Dit terrein wordt veel gebruikt door de jeugd van Malderen. Als Haviland niet ingaat op het verzoek, zal het perceel worden meegenomen in het weefselplan, afhankelijk van de uitkomst van de analyse.

      Gemeentelijke fuifzaal

      De gemeente onderzoekt de mogelijkheid om samen te werken met een private partner, zoals Starsky, zodat de gemeente kan tussenkomen in de huurgelden voor een fuifzaal. Als dit niet lukt, wordt gekeken naar andere vormen van ondersteuning, zoals het voorzien van security. De gesprekken hierover starten in 2026, met een budget voorzien in 2027. Het Gildenhuis wordt niet overgenomen door de gemeente, omdat het gebouw niet voldoet aan de moderne eisen en grote investeringen vergt.

      Ontharden verblijfsgebieden

      Verblijfsgebieden zijn zones 30 waar verschillende verkeersmodi zich mengen en waar voetgangers voorrang krijgen. De gemeente wil deze zones verder uitbreiden, in lijn met het mobiliteitsplan. De afbakening van de verblijfsgebieden gebeurt in overleg met de gemeenteraad of de GRC. Er wordt ook gekeken naar het hemel- en waterplan om te bepalen waar de nood het hoogst is.

      Mobiliteitsplan: prioritaire acties

      Het mobiliteitsplan bevat verschillende prioritaire acties, zoals het opstellen van circulatieplannen per verblijfsgebied, het uitwerken van kortparkeren en het onderhoud van trage wegen. De gemeente werkt deze plannen verder uit en volgt de situatie op, bijvoorbeeld in Pilatusveld en Acacialaan waar tijdelijk extra verkeer is door werken. Het onderhoud van trage wegen gebeurt deels in eigen beheer.

      Parkeerbeleid

      De externe partner is de partner die nu al instaat voor de controle van de blauwe zone. Hier staan geen kredieten tegenover. Er wordt wel aandacht besteed aan kortparkeren, duaal parkeren, Shop&Go en randparkings.

      Inclusieve aanpak infoaanbod

      Dit is een terecht bekommernis. Er is een overleg gepland met de voorzitter van Tolbo in januari, waarbij dit onderwerp wordt meegenomen.

      Lokaal Energie- en Klimaatpact

      Voor deelwagens is er te weinig interesse, waardoor het financieel niet verantwoord is om hierin te investeren. De eisen zijn bovendien strenger geworden. Voor hemelwateropvang lopen er projecten, vooral gericht op ontharding. Collectieve renovaties zijn moeilijk van de grond te krijgen door beperkte respons van bewoners. Wel was de groepsaankoop van laadpalen een groot succes, met 45% van de laadpalen in de regio geplaatst in Londerzeel. 

      Exploitatieuitgaven OCMW en boetes

      De bedragen voor individuele hulpverlening door het OCMW blijven gelijk, omdat de ramingen in het verleden vaak hoger waren dan de uiteindelijke uitgaven. Er wordt gekozen voor voorzichtigheid en stabiliteit. Ook de boetes blijven op hetzelfde niveau, hoewel men verwacht dat dit cijfer licht zal dalen. De cijfers worden strikt opgevolgd, maar zijn moeilijk te voorspellen.

    • Hernieuwing belastingen 2026-2031

      Verschillende belastingreglementen eindigen op 31.12.2025. Om continuïteit aan inkomsten te garanderen en om over een juridische rechtsgrond te beschikken om deze inkomsten te innen, is het opportuun om deze belastingen te laten herstemmen. In verschillende reglementen wordt, daar waar mogelijk, een indexeringsclausule voorzien.

      (cf. bijlage)

      Voorstel om volgende belastingen ongewijzigd te laten herstemmen:

      - gedifferentieerde opcentiemen op de OV (976,07 voor gewone onroerende goederen en 1.250 voor nijverheidsgoederen - geen indexering

      - aanvullende belasting op de PB (7,9%) - geen indexering

      - belasting op niet-officiële richtingaanwijzersplaten (€ 75/plaat) - indexering

      - gemeentereglement betreffende de verpachting van de kermissen - geen indexering

      - belasting op kampeerterreinen (€ 225/perceel) - indexering

      - belasting op het afleveren van de omgevingsvergunning (verschillende tarieven afhankelijk van de aard van de vergunning) - geen indexering i.f.v. opmaak verordening

      - belasting op de voor de bestemmelingen kosteloze verspreiding van reclamedrukwerk - indexering

      - gemeentebelasting op de waardevermeerdering van onroerend goed n.a.v. een bestemmingswijziging - geen indexering

      Voorstel om volgende reglementen te behouden mits een kleine aanpassing:

      - contante belasting op de afgifte van administratieve stukken (o.a. eID, vreemdelingenkaarten, kids-ID, rijbewijzen, kopieën, reispassen, slachtbewijs, trouwboekje) - indexering

      mits volgende aanpassing, gebaseerd op prijsvergelijking met naburige gemeenten:

      * kids-ID en verblijfskaarten, gewone procedure: wijziging van € 0 naar € 1; dringende procedure: wijziging van € 12,20 naar € 13; zeer dringende procedure: wijziging van € 17 naar € 19

      * identiteits- en verblijfskaarten, gewone procedure: wijziging van € 2,20 naar € 3; spoedprocedure levering gemeente: wijziging van € 15,20 naar € 16; spoedprocedure levering FOD Biza, Brussel: wijziging van € 21 naar € 22

      * Europese en voorlopige rijbewijzen: wijziging van € 2,50 naar € 5,00

      - belasting op het vervoeren van personen met een politievoertuig (combitaks) - indexering

      mits volgende aanpassing:

      * wijziging van € 100 naar € 125/rit, omwille van uniformiteit binnen Politiezone K-L-M

      - contante belasting op het weghalen en bewaren van gevonden goederen en voertuigen, die het verkeer hinderen - indexering

      mits volgende aanpassing:

      * forfaitaire kosten voor weghalen of takelen van achtergelaten voorwerpen en voertuigen: wijziging van € 63 naar € 100, inclusief btw

      * vastgesteld bedrag per kalenderdag te rekenen vanaf de 31e kalenderdag voor het bewaren van gevonden goederen en voertuigen: wijziging van € 3,75 naar € 4,50 per kalenderdag

      - plaatsrecht op de markt - geen indexering

      mits volgende aanpassing:

      *ambulante handel op de wekelijkse markt: € 15

      *ambulante handel buiten de wekelijkse markt: € 20

      - retributie voor de inname van het openbaar domein - indexering

      mits volgende aanpassing:

      * toelating tot plaatsen van een container: wijziging van € 10/dag naar € 12/dag 

      * toelating tot plaatsen van materiaal, materieel, bouw- en/of sloopafval, kranen, stellingen, bouwafvalzakken, werfketens/-wagens en alle andere zaken op het openbaar domein naar aanleiding van bouw-, renovatie-, afbraak- of andere werken aan een onroerend goed: € 0,50/m²/dag voor de hele periode van inname: wijziging aan te rekenen minimum van € 25 naar € 30

      - belasting op tijdelijke horecagelegenheden - indexering

      mits volgende aanpassing:

      * einddatum reglement: wijziging van 31 december 2032 naar 31 december 2031

      - belasting op het verstrekken van logies - indexering

      mits volgende aanpassing:

      * belastingplichtige staat zelf in voor het model van register

      * vrijstelling voor jeugdwerkinitiatief

      - belasting op het sluikstorten - indexering

      mits volgende aanpassing:

      * belasting wordt omgevormd tot retributie

      * volgende tarieven worden bepaald:

       - opruimen van achtergelaten afval:
          opruimen door de gemeentelijke diensten: verplaatsingskosten: € 50 + loonkost werklieden: € 50 euro/uur/persoon
          opruimen door derden in opdracht van de gemeente: kosten aangerekend aan gemeente, evt. verhoogd met loonkost gemeentewerklieden: € 50/uur/persoon

       - afvoeren, overslag, verwerken en sorteren of verbranden van het achtergelaten afval:
         uitvoering door de gemeentelijke diensten:
           vervoerskosten naar overslag, stort- of verbrandingsinstallatie: € 150
           overslag-, verwerking-, stort- of verbrandingskosten: € 200 euro/ton afvalstoffen
           loonkost werklieden tijdens afvoeren achtergelaten afvalstoffen: € 50 euro/uur/persoon
         uitvoering door derden in opdracht van de gemeente:
           de kosten aangerekend aan de gemeente

       - opruimen van hondenpoep en sigarettenpeuken: € 25

      - belasting op niet-bebouwde gronden/percelen, gelegen in een niet-vervallen verkaveling EN belasting op niet-bebouwde gronden gelegen in gebieden bestemd voor wonen volgens het plannenregister en palend aan een openbare weg die voldoende is uitgerust (€ 15/lopende meter - min € 250) - indexering

      mits volgende aanpassing:

      * beide reglementen worden samengevoegd en omgevormd tot één activeringsheffing, tarieven blijven ongewijzigd

      Voorstel om volgende belastingen niet te hernieuwen:

      - belasting op dragende verticale constructies en zendmasten - i.f.v. LEKP

      Juridische grond

      - decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en de latere wijzigingen

      - grondwet en meer bepaald de artikelen 41, 162 en 170

      - decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en de latere wijzigingen

      - omzendbrief KB/ABB 2019/2 betreffende de gemeentefiscaliteit

      - financiële toestand van de gemeente

      Motivatie

      Verschillende belastingreglementen vervallen op 31.12.2025. Om continuïteit aan inkomsten te garanderen en om te beschikken over een juridische rechtsgrond, dienen deze herstemd te worden vóór 31.12.2025.

      Bespreking

      Schepen Bart Van Doren leidt het agendapunt in. We hebben een principe van indexering ingevoerd om een geleidelijke stijging van de prijzen te hebben en geen plotse grote stijging.

      Christel Van Hoeymissen, financieel directeur, overloopt de verschillende belastingen en hun eventuele aanpassingen.

      Hier waren verder geen vragen over.